Terug naar de quizgalerij
Taal Leerjaar 3–4 (8–10 jaar)

Grade 3–4 ELA (US): Homophones - their/there/they're, to/too/two and More

Grades 3-4 spelling and usage (Common Core L.4.1g, Texas TEKS 3.2C, 3.3D, 4.3D): choose the right homophone in a sentence, including their/there/they're, to/too/two, your/you're and its/it's.

Gedeeld door SparkMyClass 1 uur geleden 12 V 0 keer overgenomen
Meld je gratis aan om deze quiz over te nemen

Voorbeeld van de vragen

Je ziet de eerste 5 van 12 vragen — meld je gratis aan om de hele quiz over te nemen en met je klas te spelen.

1

The kids said ___ going to the park.

A there
B them
C they're
D their
2

The dog wagged ___ tail.

A it is
B its
C it's
D its'
3

I have ___ apples.

A to
B two
C tow
D too
4

Is this ___ backpack?

A your
B you are
C you're
D yore
5

Put the books over ___.

A they're
B they are
C there
D their

Wil je deze kant-en-klare quizzen gebruiken?

Meld je gratis aan bij SparkMyClass, neem quizzen met één klik over en maak je eigen interactieve quizspellen.

Gratis aanmelden

Meer gedeelde quizzen