Terug naar de quizgalerij
Taal Leerjaar 3–4 (8–10 jaar)

Grade 3 ELA (US): Nouns, Verbs, Adjectives and Adverbs

Grade 3 grammar practice (Common Core L.3.1a, Texas TEKS 3.11D): find the noun, verb, adjective or adverb in short sentences and learn what each part of speech does.

Gedeeld door SparkMyClass 1 uur geleden 12 V 0 keer overgenomen
Meld je gratis aan om deze quiz over te nemen

Voorbeeld van de vragen

Je ziet de eerste 5 van 12 vragen — meld je gratis aan om de hele quiz over te nemen en met je klas te spelen.

1

The dog ran fast. Which word is a noun?

A ran
B dog
C The
D fast
2

Mia jumps over the log. Which word is the verb?

A Mia
B log
C over
D jumps
3

The red ball bounced away. Which word is an adjective?

A away
B bounced
C red
D ball
4

She sang softly at school. Which word is an adverb?

A sang
B softly
C She
D school
5

Which word is a noun?

A happy
B swim
C teacher
D quickly

Wil je deze kant-en-klare quizzen gebruiken?

Meld je gratis aan bij SparkMyClass, neem quizzen met één klik over en maak je eigen interactieve quizspellen.

Gratis aanmelden

Meer gedeelde quizzen